F : Fysieke mentale training

Fysieke mentale trainingen zijn fysieke inspannings- en ontspanningsmomenten, zoals bijvoorbeeld:
-budo-sporten
-balspelen
-fitness

Beschrijving:
De zelfregulatie van de leerling met een forse agressieproblematiek verbeteren om zo de kans op recidive te verkleinen. D.w.z. : de leerlingen die moeite hebben hun gedrag te reguleren  en gedragsproblemen hebben, leren alternatieven voor hun zelfvernietigende denkpatronen en leren vaardigheden om hun gedrag effectief en bevredigend te reguleren.
Het verminderen van het opositioneel-opstandig en/of antisociaal gedrag van de leerling en verhogen van het prosociale gedrag gebeurt door:
-Verbetering van de opvoedingsvaardigheden van de ouders.
-Verbetering van de oplossingsvaardigheden van de leerlingen in sociale situaties.
-Fysieke ontlading van stress/emotie/frustratie.

FMT richt zich op jongeren die lichtgeraakt zijn, hun emoties in stressvolle situaties niet kunnen beheersen en bij wie sprake is van gedragsstoornissen. Het gaat om jongeren die zich in sociale situaties storend gedragen. De begeleiding is gericht op jongeren met probleemgedrag dat voor een deel voortkomt uit het onvermogen tot zelfstandig en adequaat hanteren van sociale probleemsituaties. Leerlingen kunnen niet voldoen aan nieuwe omgevingseisen en zijn weinig flexibel. Daarnaast is er sprake van zwakke impulscontrole en tekorten in het oplossen van conflicten. De jongeren vertonen of agressief of subassertief gedrag. Bij de jongeren met grensoverschrijdend gedrag is veelal sprake van externe zelfbepaling. De jongeren hebben intensieve begeleiding nodig  voor het leren reguleren van hun agressieve gevoelens en gedrag. De jongeren hebben vaak last van reactieve agressie, maar kunnen daarnaast ook proactieve agressie vertonen. De jongeren kunnen de controle over hun agressieve gevoelens verliezen als zij provocatie ervaren en reageren dan gewelddadig.
De doelgroep kenmerkt zich doordat de jongeren moeite hebben gehad met het verwerven van veilige gehechtheid. Het omgaan en accepteren van leeftijdsgenoten, in alle leeftijdsfasen van belang, geeft problemen. De jongeren hebben moeite zich te verplaatsen in een ander. Vaak dichten zij onterecht de ander vijandelijke bedoelingen toe. Empatisch en rechtvaardig zijn kost hun moeite. Ook het ontwikkelen van maatschappelijke normen en waarden (het ontwikkelen van moraliteit) geeft problemen. De jongeren beschikken over een slecht ontwikkelde zelfcontrole, sociale cognitie en moreel bewustzijn.

Doelen FMT:

  1. Het contact maken met elkaar
    Het hebben van contact wordt als basisvoorwaarde gezien voor het volgen van onderwijs;  De jongere is pas ontvankelijk voor onderwijs als hij in contact is met zijn omgeving. Dit betekent dat hij een relatie is aangegaan met medeleerlingen en leerkrachten.
  2. Activeren
    Regelmatig bewegen activeert het individu
  3. Energie-regulatie
    Inspanning kost energie. Inspannen werkt als uitlaatklep voor opgebouwde spanningen.
  4. Leren omgaan met (spel)regels
    De jongeren kunnen hun gedrag slecht remmen. Ze reageren te heftig en impulsief op gebeurtenissen uit hun omgeving.
  5. Bevorderen van prosociaal gedrag
    Leren samen spelen en samen te delen. De jongere leert delen van eigenbelang op te offeren ten faveure van anderen. Een voorwaarde hiervoor vormt het onderscheid kunnen maken tussen jezelf en een andere en je kunnen inleven in een ander (zoals bij empathie). De jongere leert de sociale situatie waar te nemen: hij leert gevoelig te worden voor allerlei signalen
  6. Ontwikkeling van moraliteit
    verwant aan de ontwikkeling van prosociaal gedrag is de ontwikkeling van moraliteit. De jongeren leren onderscheid te maken tussen “goed”en “slecht”. De jongeren leren de waarden en normen kennen waarop dit verschil is gebaseerd. De jongeren leren rekening te houden met de reacties van anderen en leren hun eigen gedrag te evalueren. Schaamte en schuld zijn begrippen die horen bij een negatieve zelfevaluatie. Schuld en schaamte zorgen ervoor dat jongeren rekening houden met elkaar of de omgeving. Het aangaan van contact of het ontwikkelen van een relatie met anderen zijn hiervoor voorwaarde.
  7. begeleiding ontvangen in de persoonswaarneming
    De jongeren leren de sociale situatie te interpreteren. De jongeren hebben een slechte persoonswaarneming. Ze interpreteren sociale gebeurtenissen, zoals het gedrag van een andere leerling, vaak verkeerd. De andere persoon wordt onterecht vijandige bedoelingen toegeschreven waardoor de jongeren agressief reageren. Dientengevolge krijgt de andere persoon meestal de schuld en vertonen de jongeren zelf weinig schuld of schaamte over hun gedrag.